Biografie

 

Muzikale duizendpoot Stephan Simons (1964), geboren in een muzikale familie, werd op 14-jarige leeftijd solo-cornettist bij de Koninlijke fanfare Kempenbloei te Achel en stond in de regio vooral bekend om zijn tongslagtechniek.

Zijn “Carnival of Venice” van Paganini werd ten zeerste gesmaakt als hij die na een concert wel eens uit zijn cornet toverde.

Samen met Marc Van Meensel zorgde hij aan huis belangeloos voor de opleiding van nieuwe muzikanten. Thematiek in zijn opleiding is vooral gericht op “muziek ervaren van binnenuit” waardoor een partituur overstegen kan worden ten dienste van het karakter van het muziekwerk.

Hij was in de jaren '90 “Principal Cornet” bij de succesvolle Noordlimburgse Brassband. Omwille van een hoogsensititieve natuur leefde hij vanaf 2000 jarenlang een vrij teruggetrokken muzikaal bestaan waarin hij zijn zangtechniek ontwikkelde en zich toelegde op piano. Ook eigen composities kwamen tot ontwikkeling die hij in een later stadium van zijn leven wil uitgeven.

Toen hij ook het “Euphonium” ging bespelen werd hij al snel een acrobaat op dit instrument.

In 2003 bracht hij zijn solo-cd “The colour of the Euphonium” uit waarvan Marc Brillouet in zijn licht klassiek getinte programma "Funiculi funicula" (Radio 2) op zondagavond het “Allegro uit Händel zijn vioolsonate” liet horen.

Tijdens een “euphonium workshop” van Steven Mead koos Steven uit een 80-koppige groep euphoniumspelers Stephan om later op de avond samen een solo te spelen (Fantasie Brillante – Arban), een unieke ervaring in zijn ontplooiing als euphoniumspeler.

Stefan Meylaers schreef in 2005 het euphoniumwerk Mango” en droeg dit op aan Stephan. Dit muziekwerk is ook te beluisteren op de cd “Stefan Meylaers - portrait of a composer II” te midden van een strijkerkwartet en vooraanstaande musici.

In datzelfde jaar trad Stephan samen op met artieste Els De Schepper tijdens een 3-delige concertreeks (vocaal & euphonium).

In 2007 werd Stephan na de lente-editie van de “VIER JAARGETIJDEN”  in Neerpelt in de media omschreven als de noordlimburgse Andrea Bocelli.

Het overlijden van zijn vader had een grote impact op zijn leven waarbij hij “Destiny” voor piano componeerde ter zijner nagedachtenis. De stille belofte aan zijn vader om terug gestalte te geven aan zijn muzikale kinderdroom was de aanzet tot het terug openbloeien van wat als kind al diep in hem leefde.

Als Stephan op 45e jarige leeftijd in 2010 zelf vader werd van “Senne” ontstond een 4-delige concertreeks “Senza Catene” opgedragen aan de liefde voor zijn zoon (“Song for Senne”) en de romance met zijn vrouw (“Romance pour Cathérine”).

In 2011 werd hij dirigent van het “Amicitia-ensemble” wat een nieuwe uitdaging in zijn muzikale leven betekende. In 1991 had de toenmalige dirigent Jan Stevens hem al eens gevraagd om het ensemble te leiden, doch Stephan voelde zich toen daar nog niet klaar voor. De muzikale belofte die hij als kind was krijgt steeds meer handen en voeten.

In 2014 verbaast hij door tijdens de castings van Eurosong 2014 "L'amour, ça fait chanter la vie" te zingen waarbij hij veel lof ontvangt van de jury. Bart Peeters drukt zelfs de hoop uit dat Stephan niet daar dat circus moet.